dinsdag 4 mei 2010

Beaches & Leeches


Weg uit Sydney

Na een fantastische week in Sydney is het tijd om Australie verder te gaan verkennen.
We huren een kleine campervan voorzien van alle kampeergemakken: een kleine koelkast, een gasfornuis met 2 pitjes en een grill, een wasbakje, 2 banken en een tafel die transformeerbaar zijn tot een dubbel bed, stoelen en een tafeltje voor buiten en last but not least een magnetron (die alleen werkt als we kunnen aansluiten op netspanning). Een broodrooster en fohn hebben ze er nog net niet ingepropt en ook de vaatwasser ontbreekt helaas. Het is allemaal prima geregeld in Australie, de camper is uitgerust met basic keukengerei en linnen, jawel we hebben hier zelfs de slaapzakken waar we in Nieuw Zeeland alleen maar van konden dromen.

We rijden vanuit Sydney naar het noorden langs de Pacific Highway. Onze eerste stop is in Maitland, op zich niet noemenswaardig, maar we gaan er op bezoek bij Daniel en Kelli en hun zoontje Will. Deze mensen kwamen we 3 maanden geleden tegen in Buenos Aires. We parkeren onze camionette in hun tuin en doen een eerste oefennacht: koken en douchen doen we nog in huis, slapen al in de auto.

Myell Lakes National Park
De volgende dag verlaten we de brede autostrade en zetten koers naar Myell Lakes National Park waar verlaten stranden zich kilometers lang uitstrekken, er wilde honden (dingo's) rondlopen en waar er de meest fantastische vogels zitten.
We kamperen aan het Bombah Broadwater Lake. Nu is het tijd voor het echte werk: hier is geen elektriciteit en ook geen douche: we wassen ons in het meer en koken ons eerste maaltje op het krappe gasfornuis. We zijn getuige van 1 van de meest sublieme zonsondergangen die ik al gezien heb. De zwarte zwanen en pelikanen op het meer genieten mee.


Verder noordwaarts
We rijden langzaam noordwaarts en ontdekken het ene mooie plekje na het andere. Slapen in de auto doen we intussen als roosjes en we toveren wonderheerlijke maaltijden uit ons kampkeukentje. Onze creativiteit bereikt ware hoogtepunten: onder andere steak met champignonroomsaus, thaise curry, pannenkoeken met ingebakken banaan en rozijntjes of pasta met pesto en scampi's passeren de revue. Geerts specialiteit is aardappelen gekookt in zeewater. Relaxed maken we wandelingen over het strand, zwemmen we in de zee en genieten we van de zonsondergangen.

No stress zou je denken, behalve dan dat ene moment van de dag waarop we op onze slaapplek arriveren. Geert noemt het intussen "kemperstress". Bij aankomst op de camping parkeert hij ons busje en wilt dan zo snel mogelijk gaan eten/zwemmen/relaxen. Maar dat is buiten mij gerekend. Ik vind het namelijk wel prettig als ons busje ook recht staat, dat slaapt wel zo handig. Volgens Geert staat de bus helemaal niet scheef en om mijn gelijk te bewijzen moet ik een waterfles op de vloer van de campervan leggen, die dan natuurlijk keihard wegrolt. Zuchtend kruip Geert dan weer achter het stuur om de auto te verzetten tot ie horizontaal staat. Maar dan ben ik nog niet tevreden: meestal kijken we in dit stadium uit op een betonnen wc-gebouw of een rij van vuilnisbakken. Ik hou van esthetiek en heb liever uitzicht op een mooi stukje natuur als ik 's ochtends buiten ontbijt. Afin, na veel vijven en zessen en 3 echtscheidingen later staat de auto eindelijk zoals ik het wil en drinken we een glaasje wijn om het goed te maken. Het leven kan mooi zijn.

Onderweg komen we een aantal hindernissen tegen: zo heeft men soms geen zin om een brug over de rivier te bouwen en moet je via een pontje oversteken, ergens anders zijn er wegenwerken waar je achter een volgwagen aan doorheen moet en soms wordt ons pad gekruist door vervaarlijk grote mieren (Dat is mijn duim op de foto).
Ook de huizen hebben het in Australië niet altijd makkelijk.

Dorrigo National Park
In Dorrigo National Park maken we een wandeling door het regenwoud.
Eén van de meest fascinerende bomen vinden we zonder twijfel de Strangler Fig. Zoals elke boom ontstaat die uit een zaadje, maar dit zaadje wordt door een vogeltje gedropt ergens op een andere boom hoog boven de grond. De strangler fig begint daarop wortel te schieten en heel langzaam groeien die wortels langs de stam van de gastboom naar beneden tot ze de grond raken. Nu kan de strangler fig zichzelf voeden en hij begint te groeien en steeds meer wortels te vormen rond de gastboom totdat de strangler fig die boom niet meer nodig heeft en op zichzelf kan blijven rechtstaan. De gastboom sterft ten slotte en laat binnenin de wortelkluwens van de strangler fig een grote holte achter.

Byron Bay
Byron Bay wordt in de reisgidsen omschreven als een 'must do', een mekka voor alternatievelingen, een gezellige oase met een sublieme sfeer. Misschien heeft het ermee te maken dat we er arriveren de dag voor Anzac day - een feestdag ter herdenking van gesneuvelden in de wereldoorlog, maar die door de jeugd vooral beleefd wordt door het overmatig drinken van alcohol - maar we vinden het dorpje helemaal niet charmant. Het is een drukke bedoening, overal lopen luidruchtige pubers rond, je komt er met de auto nauwelijks doorheen. We vluchten naar het nabijgelegen Suffolk Park - ook omdat in Byron Bay alle campings volzet zijn - en hebben er twee fantastische dagen in de laid back sfeer van het kleine dorpje met een prachtig strand op amper 20 meter van de camping. En er is internetverbinding waardoor ik de blog eindelijk kan bijwerken:

Lamington National Park
Intussen zijn we al anderhalve week onderweg met ons busje en we voelen ons er helemaal thuis. We verlaten de provincie New South Wales en rijden het subtropische Queensland binnen. Onze eerste stop is in Lamington National Park:
We kamperen er tussen de wallabies, een soort klein uitgevallen kangoeroes.
De hogergenoemde "kemperstress" neemt nieuwe vormen aan. Ik heb me er intussen bij neergelegd dat het perfect horizontaal zetten van een busje op Australische kampeerbodem een onbegonnen karwei is en onder het motto "een beetje scheef is ook recht" ben ik allang blij als de bus zodanig scheef staat dat we tenminste met ons hoofd naar boven slapen en dat ons gootsteentje goed afloopt. Geert echter heeft de waterpasmicrobe nu stevig te pakken en blijft hardnekkig proberen de bus rechter te krijgen. Het begint ermee dat hij een half uur lang heen en weer rijdt op onze kampeerplaats, steeds een paar millimeter opschuivend om toch maar een rechte plek te vinden. Als ik hem uiteindelijk overtuigd krijg dat het geen zin heeft, intussen veelvuldig de waterflesmethode toepassend, wordt het pas helemaal erg: houten plankjes en platte stenen rukken aan en worden deskundig onder de wielen gemanouvreerd. Het resultaat is uiteindelijk dat de bus nog steeds scheef staat, maar nu naar de andere kant...

De Treetop walk is een kort parcours dat via hangbruggen op 15 meter hoogte tussen de bomen loopt. Op het hoogste punt kun je nog eens via een steil laddertje tegen een boomstam aan tot boven het bladerdek klimmen, best wel hoog, maar een prachtig uitzicht.
Ook is er een plekje waar je met toeristen kunt lachen die persé vogels willen voederen.
De volgende dag wandelen we het Toolona Creek Circuit, een 17,4 km lange tocht die ongeveer 6 uur duurt.De folder van het nationaal park omschrijft het als een klasse 4 wandeling - de zwaarste klasse -, onze reisgids belooft ons "countless opportunities to fall off slippery rocks and get soaked" maar wij laten ons niet afschrikken. We volgen een riviertje dat zich een keer of 6 langs onze route genadeloos in de diepte stort en de meest waanzinnige watervallen creeert. We zien gigantische bomen bedekt met mos, en lianen hangen overvloedig in het rond. Meer dan ons lief is moeten we het riviertje oversteken op een voor ons niet duidelijke manier. Spekgladde stenen vormen ons pad, en soms zijn er gewoon geen stenen. Gelukkig heeft Geert zijn waterbestendige sandalen aan en kan hij door de rivier waden, daarbij mij assisterend terwijl ik sierlijk van de ene glibberige kei naar de andere spring.
Bij de wisselbeurt van het dragen van de rugzak merkt Geert ineens iets raars op ter hoogte van mijn onderrug, het lijkt wel een teek! Als gediplomeerd huisarts geef ik hem instructies om het beest met een draaiende beweging te verwijderen, mij intussen afvragend of er in Australie de ziekte van Lyme voorkomt... Even later voelt Geert ineens iets aan zijn voeten kriebelen, er zit ook een zwart beestje op, maar het lijkt helemaal niet op een teek. Het is een soort wormpje dat zich met een zuignap aan zijn huid heeft vastgezogen: bloedzuigers! Jakkie... Gelukkig zijn ze vrij snel te verwijderen en geven ze verder geen last of rare ziektes. En als jullie je afvragen hoe dat beest ter hoogte van mijn rug terecht is gekomen: zet nooit een rugzak op de grond vlakbij een rivier. Totale score bloedzuigers: 5 voor Kapu en 2 voor Giri.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen